Loden kraag, met daarin een ijkteken met XXX, onderdeel van een krukgewicht

Een loden kraag van een krukgewicht. Op de platte schijf zijn een kruis, twee langwerpige ovalen tekens en twee rechthoeken te zien, met in het ene vierkant het ijkmerk XXX. Deze kraag, met zijn knopvormige extensie, zou passen in het midden van een gietijzeren gewicht. Maar dit gewicht en ook het handvat ontbreken. Krukgewichten hoorden bij de weeginstrumenten. Ze werden gebruikt voor het wegen van handelswaar of lading, die door opper- of onderkoopman Gijsbert de Vroe aangekocht zou worden in Batavia. De Vroe, afkomstig uit Goes, deed dit namens namens de Kamer van Zeeland van de VOC. Vondst uit VOC-scheepswrak ‘t Vliegend Hert, gezonken in 1735.

Dit object is in 1989 opgedoken; met vondstnummer 0322/89.

Locatie

B1A

Objectnaam

krukgewicht

Datum

1989

Informatie

Hoogte

5 cm

Diameter

8 cm

Gewicht

496 gram

Materiaal

lood

Objectnummer

MMZ15100

Vondstnummer

0322/89

Locatie

B1A

Objectnaam

krukgewicht

Datum

1989

Ontdek ook

Heft, van een stuk gereedschap of instrument

Heft, van donker hout, van een of ander gereedschap of instrument. Het heeft een band gemaakt van een koperlegering waarvan een deel lijkt uitgesneden. Het is waarschijnlijk gebruikt voor het vastzetten van het ontbrekend gereedschapsonderdeel. Dit heft bestaat uit vier rondgedraaide secties, met een gat aan de bovenkant. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Dit object is in 1990 opgedoken; met vondstnummer 90A1907.

Snuifdoos, met scharnierende deksel, kan ook gebruikt worden voor losse tabak

Snuifdoos om snuifpoeder in te bewaren. Het is gemaakt van geelkoper, een legering van koper en zink. Het is een achtkantige rechthoek met een scharnierende deksel en eenvoudig achtkantig reliëfwerk op de deksel, dat ook op de binnenkant zichtbaar is. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Deze twee objecten zijn los van elkaar opgedoken en in 1993 weer aan elkaar bevestigd. De deksel is in 1990 opgedoken; met vondstnummer 90A1911 en snuifdoos in 1991; met vondstnummer 91A0048.

Bot van een dier

Voor de lange zeereis werden allerlei victualiën (levensmiddelen) meegenomen. De victualiemeester had het beheer hierover. Denk bijvoorbeeld aan zo'n 16.200 pond vlees, zoals rund-, schapen-, kalfsvlees en ham. Dit vlees was gepekeld of geconserveerd in zout. Er ging dikwijls ook levende have mee aan boord. De dieren werden later geslacht. De victualiën werden vooral in vaten onderin het ruim in de achtersteven van het schip opgeslagen. De kok en zijn koksmaat moest de gehele bemanning van voeding voorzien. Dat deden ze door onder meer het vlees en spek te koken en er geregeld nieuw water erover te gieten om de grote hoeveelheid zout weg te spoelen. De gewone bemanning kreeg tweemaal per week pekelvlees of eenmaal per week spek bij de warme maaltijden. Vondst uit VOC-scheepswrak 't Vliegend Hert, gezonken in 1735. Dit object is in 1989 opgedoken; met vondstnummer 1297/89.